Wachttijden en collegiale afstemming ggz blijven zorgelijk

De wachttijden in de ggz zijn al jaren een bron van zorg voor patiënten en huisartsen. Ook signaleren huisartsen dat er nog veel verbetering moet komen in de collegiale afstemming met de ggz en in de mogelijkheid om de zorg bij chronische patiënten direct te kunnen opschalen. LHV, NHG en InEen hebben deze zorgen geuit aan de Tweede Kamer, in aanloop naar een debat over de ggz.

Hoewel vrijwel iedereen erkent dat de aanpak van de wachttijden urgent is, merken patiënten en huisartsen nauwelijks verbeteringen op dat vlak. Rapporten, zoals onlangs van de NZa en VWS, bevestigen dat beeld. Als gevolg daarvan krijgen patiënten niet tijdig de zorg die zij nodig hebben in de ggz. Zij blijven tijdens hun wachttijd een beroep doen op de huisartsenzorg, waardoor er in de huisartsenzorg minder tijd beschikbaar is voor patiënten met lichtere klachten die wel binnen de huisartsenpraktijk kunnen worden geholpen.

Daarnaast zien we als huisartsenorganisaties nog altijd dat er te weinig mogelijkheden zijn voor huisartsen om te overleggen met de ggz en waar nodig de behandeling van patiënten te kunnen overdragen. Dat geldt met name voor het voorschrijven van medicatie zoals antipsychotica en lithium (dat luistert zeer nauw en overleg met een ggz-behandelaar is daarvoor zeer gewenst) en wanneer een huisarts signaleert dat er met spoed hulp nodig is vanuit de ggz.

Meer hierover leest u in onze brief aan de Tweede Kamer.

Aanpak wachttijden

Om de wachttijden terug te dringen, is er een gezamenlijke aanpak opgezet door GGZ Nederland, Zorgverzekeraars Nederland en patiëntenorganisatie Mind. Zie ook www.wegvandewachtlijst.nl  

In regionale taskforces werkt men hard aan regionale oplossingen. Geregeld zijn daar ook lokale huisartsen bij betrokken. Dat kan tot positieve, praktische resultaten leiden.

Zo is er in Flevoland geregeld dat als een huisarts een patiënt verwijst naar een ggz-instelling er binnen 14 dagen wordt gescreend of de patiënt bij deze instelling op de juiste plek is. Zo niet, dan wordt de patiënt verwezen naar een aanbieder die wel past bij de zorgvraag. Zo staan patiënten niet nodeloos op een wachtlijst die na maanden verkeerd blijkt te zijn, waarna de patiënt weer opnieuw elders onderaan de wachtlijst belandt.

Dit soort voorbeelden zijn bemoedigend, maar er is nog veel meer nodig. We hopen dat er op veel meer plekken in het land en op meer aspecten snel dit soort resultaten kunnen worden geboekt, zodat dit werkelijk effect gaat hebben op de wachttijden. We zijn hierover onder andere in goed overleg met GGZ Nederland. 

LHV © 2019