Huisartsen en apothekers werken beiden aan medicatieveiligheid

Apothekersorganisatie KNMP is maandag gestart met een campagne om duidelijker te maken wat de apotheker doet. Apothekers passen jaarlijks 10 miljoen recepten aan, is de boodschap. De LHV vindt het goed dat patiënten meer duidelijkheid krijgen, bijvoorbeeld over de veelbesproken eerste uitgifte van medicatie. Het aantal aanpassingen aan recepten wijst erop dat de apothekers hun rol in het verhogen van de medicatieveiligheid goed oppakken. Ook zien we dat in de afgelopen jaren de samenwerking tussen huisartsen en apothekers is verbeterd, wat ten goede komt van de patiëntveiligheid bij het voorschrijven en verstrekken van geneesmiddelen.

Wat precies de aanleiding is voor de 10 miljoen aanpassingen die de KNMP noemt, is de LHV niet bekend. Bijvoorbeeld in welke mate het gaat om administratieve aanpassingen (zoals een adresaanpassing). Of hoe vaak gaat het om medicatiewijzigingen, zoals wanneer er een mogelijke interactie is met medicatie die de patiënt van een andere arts heeft gekregen.

Navraag bij de KNMP leert dat de apothekers zich bij het duiden van de aanpassingen baseren op een onderzoek dat is uitgevoerd in 1999. Sindsdien is in de veiligheid in de medicatieketen veel verbeterd, onder andere door het elektronisch voorschrijven van geneesmiddelen (wat alle huisartsen en andere voorschrijvers doen) en door de versterkte samenwerking tussen huisartsen en apothekers.

Rol apotheker

De apotheker en de huisarts hebben ieder hun eigen rol in de patiëntveiligheid rond medicatie. De rol van de apotheker is om nog eens kritisch te kijken naar bijvoorbeeld dosering of combinatie van medicatie, twee weten immers meer dan een. De apotheker heeft bovendien het meest volledige overzicht van de medicatie van een patiënt, bijvoorbeeld wanneer deze door een andere arts medicatie voorgeschreven heeft gekregen. Patiënten delen deze informatie niet altijd met hun huisarts. Daarom vindt de LHV het goed dat apothekers hun rol pakken in het veilig verstrekken van geneesmiddelen.

Lokale samenwerking

Voor huisartsen is medicatie voorschrijven een belangrijk deel van hun werk, waarin zij regelmatig scholing volgen en kennis uitwisselen met elkaar en met andere zorgverleners. Huisartsen en apothekers werken in de lokale praktijk veel samen, zo overleggen zij binnen het zogeheten farmacotherapeutisch overleg (FTO) en over medicatiebeoordeling.

Regelmatig hebben zij contact, om afwegingen over de keuze voor een bepaald medicijn of dosering te delen. De huisarts heeft als voorschrijver uiteraard goede argumenten voor zijn keuze. Soms komen apotheker en huisarts in overleg tot een aanpassing van een recept.

Meer over dit onderwerp

LHV © 2019